1990

Kanteljaar

1990 was een kanteljaar. Dankzij het debuutalbum van De La Soul maakte ik kennis met een nieuwe wereld aan artiesten die op de plaat te horen waren. Zo ontdekte ik A Tribe Called Quest, die datzelfde jaar Can I Kick It uitbrachten. Die muziek had een enorme impact op mij.

Rond die periode startte ik ook mijn eerste side hustle: het maken en verkopen van eigen mixtapes. Op school verkocht ik ze voor 20 Belgische frank per stuk, goed voor ongeveer 100 tapes per maand. Mijn verkoop liep zo goed dat mijn ouders me aanraadden om kantoor-verkoop te volgen op school.

Aan het einde van het schooljaar, tijdens de opendeurdag, maakte ik samen met mijn leerkracht, mevrouw Jacobs, de afspraak dat mijn mixtapes officieel te koop mochten worden aangeboden. Daar bestaan nog steeds beelden van, al heb ik mevrouw Jacobs later helaas nooit meer kunnen bereiken.

1990 was ook het jaar waarin mijn artiestennaam definitief vorm kreeg. Tot dan gebruikte ik de naam Solid in Pita, maar “Pita” was al langer mijn bijnaam onder vrienden. Ik hoorde mensen zeggen:
“Heb je die tape van Solid al gehoord?”
“Wie is Solid?”
“Je weet wel… Solid Said, Pita!”
“Ah, Pita! Oké.”

Op dat moment viel alles op zijn plaats. Omdat er bovendien meerdere Saids in de klas zaten, besloot ik mijn bijnaam om te vormen tot mijn artiestennaam. Zo werd Pita geboren — een naam die sinds 1990 onlosmakelijk met mijn muziek verbonden is.